2.1 Zintuigen versus sensoren

Levende organismen, of het nu eencelligen of mensen zijn, nemen hun omgeving waar met behulp van zintuigen. Computers kunnen daarvoor worden toegerust met sensoren. Er is een grote verscheidenheid aan sensoren maar ze vervullen in het algemeen dezelfde functie als de zintuigen van een mens of dier.
Sommige sensoren kunnen meer dan onze zintuigen, zoals infrarood- of röntgenstraling waarnemen. De meeste sensoren zijn echter beperkter dan onze zintuigen en soms zijn er verschillende soorten sensoren nodig om de werking van één van onze zintuigen te evenaren.
Omdat we zo vertrouwd zijn met onze zintuigen, nemen we vaak aan dat de sensoren van een computer op identieke wijze werken. Dit is om vele redenen niet waar. Bijvoorbeeld: de afhandeling van ruwe data van een geluidssensor kan leiden tot de detectie van geheel andere verschijnselen dan mensen met hun oren zouden kunnen horen. Bovendien worden onze waarnemingen sterk beïnvloed door de associaties die ons brein aan deze waarnemingen koppelt. Het bekende “gezichtsbedrog” is daar bijvoorbeeld een gevolg van. [1]
Lees nu hoofdstuk 2.2 en 2.3 uit de NLT-module Leven met Robots [2], zie: https://drive.google.com/open?id=1hPObhuAHb9h4njATKwLKdTE7OM7aezMy
 


[1] Bron: NLT module Robotica, zie:
http://betavak-nlt.nl/dmedia/media/site-files/47bd6/0a511/820b9/3ec9c/5055a/v116_Robotica_lln_software_3.1_ev_121009.pdf
[2] De hele module Leven met Robots kan worden gedownload via:
http://betavak-nlt.nl/dmedia/media/site-files/e80d1/76037/51fb4/08de2/b0788/NLTC-H301%20Leven%20met%20Robots%20-%20LEERLINGENMA_ZYqtxtK.zip

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *