4.4.2 Vervolg gebruik van timers

In het voorbeeld met de PIR-sensor zit een timer in de sensor verwerkt. De sensor blijft een tijdje een positief (HIGH) signaal geven, ook al loopt er niemand meer voorbij of staat iemand stil. Het zou ook kunnen dat de sensor alleen maar een HIGH geeft op het moment dat er een beweging wordt gedetecteerd. In dat geval zou de lamp gelijk weer uitgaan zodra er geen beweging wordt gedetecteerd. Als iemand even stil staat gaat de lamp gelijk uit. En het zou kunnen dat de lamp gaat knipperen omdat ook als iemand voorbij fietst niet steeds de beweging wordt waargenomen door de sensor. Dat kun je oplossen door gebruik te maken van een timer, dat is een soort wekker. Een timer kan wordt gestart of gereset (bijvoorbeeld op 10 seconden), dat zijn acties. En een timer kan aflopen, dat is een toestandsovergang. Je krijgt dan onderstaande toestandsdiagram.

4.4.2.1 Vragen
4.4.2.2 Tussenopdracht knipperend lampje